vrijdag 5 mei 2017

Iran: Vrouwelijke politieke gevangene in hongerstaking verkeert in kritieke toestand






25 April 2017

De mensenrechtenactiviste Atena Daemi, die momenteel in de Evin-gevangenis wordt vastgehouden, verkeert naar verluid in kritieke toestand en lijdt aan tal van gezondheidsproblemen door haar aanhoudende hongerstaking.
Vanaf maandag 24 april is Atena Daemi al 17 dagen in hongerstaking in de vrouwelijke afdeling van de Evin Prison. Intussen houdt de moeder van Atena, die haar op zondag 23 april heeft bezocht, vol dat de revolutionaire garde van het regime, de rechterlijke macht en de aanklager-generaal verantwoordelijk zijn voor het leven van Atena."
Over de ontmoeting op zondag 23 april met Atena, zei haar moeder “Ze voelt zich helemaal niet goed. Ze heeft ongeveer 10 kg aan gewicht verloren, ze lijdt aan nierproblemen en heeft last van misselijkheid en duizeligheid. De dokter in het gevangenis ziekenhuis zei dat haar bloed besmet zou kunnen zijn. Haar tong is geel geworden en haar nagels zijn blauw.
Atenal Damei heeft aangekondigd dat ze in hongerstaking is gegaan om te protesteren tegen de veroordeling van haar twee zussen, Ensieh en Hanieh, die het Iraanse regime hebben beschuldigd van het gijzelen van families van politieke gevangenen.

Hanieh en Ensieh werden door het Teheran-strafhof tot drie maanden cel veroordeeld omdat ze zijn aangeklaagd voor het beledigen van officieren tijdens de arrestatie van Atena. Atena heeft geëist dat het vonnis moet worden ingetrokken.
Intussen heeft Atena's moeder gezegd dat "Atena voor het gevangeniskantoor zal gaan zitten en in hongerstaking zal gaan als ze niet op haar eisen ingaan."
Atena Daemi werd veroordeeld tot zeven jaar gevangenis op ongegronde aanklachten van 'samenkomst, samenzwering en propaganda tegen het regime', 'godslastering en belediging van Khamenei' en 'het geheimhouden van misdaadbewijzen'.
Mensenrechtenorganisaties en groepen zeggen echter dat de redenen voor de veroordeling van Atena te maken heeft met haar opmerkingen op Facebook  en de muurschilderingen waarin ze de doodstraf bekritiseert, haar bezoek aan grafplaatsen van degenen die zijn gedood tijdens de protesten na de presidentsverkiezingen in 2009 en haar verslaggeving over de situatie van politieke gevangen.




Mensenrechtenexpert van de VN Veroordeelt Verzonnen en Schadelijke Verhalen van de Pers van het Iraanse Regime





25 april 2017

Genève (24 april 2017) – Asma Jahangir, de Speciale Rapporteur van de Verenigde Naties voor de situatie van mensenrechten in de Islamitische Republiek Iran, heeft een rapport report, gepubliceerd door het Iraans Nieuws Agentschap (IRNA), aan de kaak gesteld, waarin wordt beweerd dat zij van plan was een bezoek te brengen aan Saoedi-Arabië met de bedoeling de autoriteiten in Teheran te belasteren.
Het rapport suggereerde ook dat mevrouw Jahangir de bedoeling had om de missie uit te voeren uit naam van militaire belangen. Maar de Speciale Rapporteur heeft het nieuws-onderwerp veroordeeld en nadrukkelijk ontkend.
 “Ik ben geschrokken van dit verzonnen en schadelijke nieuwsverhaal dat er duidelijk op is gericht mijn integriteit en onafhankelijkheid in gevaar te brengen, die allebei internationaal erkend worden” zei mevrouw Jahangir.
 “Iedereen die een inhoudelijk meningsverschil heeft met de beoordeling van een Speciaal Rapporteur kan altijd zijn twijfel uitspreken. Het is echter onaanvaardbaar voor mandaathouders te worden onderworpen aan laster campagnes bij het vervullen van hun taken
die door de Raad voor de Mensenrechten van de Verenigde Naties zijn opgelegd.” benadrukt zij.
 “Deze beschuldigingen versterken ongelukkigerwijs de beoordeling die ik heb opgesteld in mijn eerste rapport aan de Mensenrechtenraad van de VN over het klimaat van angst dat bestaat in Iran, waar soortgelijke methodes worden gebruikt om degenen die een afwijkende mening uiten het zwijgen op te leggen.” voegde zij er aan toe.
De Speciale Rapporteur herhaalde dat lastercampagnes haar niet in de verdediging zouden brengen, noch haar onafhankelijkheid in gevaar brengen betreffende het rapporteren over de uitdagingen waar Iraniërs zich voor geplaatst zien, als het gaat om hun rechten, waardigheid en vrijheden.
Mevrouw Asma Jahangir (Pakistan) was uitgeroepen tot Speciaal Rapporteur over de mensenrechtensituatie in de Islamitische republiek Iran door de Raad voor de Mensenrechten in september 2016. Mevrouw Jahangir was verkozen tot president van de orde der advocaten voor het Hooggerechtshof van Pakistan en tot Voorzitter van de Commissie voor Mensenrechten van Pakistan. In de loop der jaren is zij zowel nationaal als internationaal erkend vanwege haar bijdrage aan de mensenrechtenkwestie en heeft zij daar belangrijke erkenning voor ontvangen. Zij heeft intensief gewerkt op het gebied van vrouwenrechten, bescherming van religieuze minderheden en in het uitbannen van gedwongen arbeid. Zij is voormalig Speciaal Rapporteur over standrechtelijke executies en over godsdienst vrijheid.
De Speciale Rapporteurs en Werkgroepen maken deel uit van wat bekend staat als de ‘Speciale Procedures’ van de Raad voor Mensenrechten. Speciale Procedures, de grootste groep van onafhankelijke deskundigen in het systeem van de VN Raad voor de Mensenrechten, is de algemene naam van de controlemechanismen van de Raad en het onafhankelijk onderzoek naar de feiten en die gaan òf over situaties in een specifieke land òf thematische onderwerpen in alle delen van de wereld. De experts van ‘Speciale Procedures’ werken op vrijwillige basis; Zij zijn geen staflid van de VN en krijgen voor hun werk geen salaris. Zij zijn onafhankelijk van alle regeringen of organisaties en dienen vanuit hun individuele capaciteit.

DRINGEND MAN VAN 15 IN AFWACHTING VAN NADERENDE TERECHTSTELLING




Peyman Barandah, die 15 was op het moment van zijn arrestatie, moet op 10 mei in de Shiraz’s Adel Abad Gevangenis, in Iran in de provincie Fars, geëxecuteerd worden.
Hem is de doodsstraf opgelegd na een grof oneerlijk proces waarbij de grondbeginselen van jeugdrecht zijn geschonden. Hij heeft in langdurige eenzame opsluiting gezeten, waarbij hij, naar zijn zeggen, herhaaldelijk geslagen werd.
De terechtstelling van Peyman Barandah, 22, staat gepland op 10 mei in de Shiraz’s Adel Abad Gevangenis, in Iran in de provincie Fars.
In augustus 2012 werd hij ter dood veroordeeld nadat Afdeling Vijf van het Strafhof in de provincie Fars hem schuldig had bevonden aan moord in verband met het neersteken van een tiener met fatale afloop, tijdens een massaal gevecht in juni 2010. Ten tijde van de misdaad was Peyman Barandah 15 en hij heeft consequent zijn onschuld volgehouden en hij zegt dat een andere tiener de fatale steek heeft toegebracht.
Afdeling Zes van het Hooggerechtshof heeft in september 2013 zijn doodsstraf
bevestigd.